jufmelis.nl

Nederlands is niet moeilijk, gewoon even oefenen

extra: lidwoorden in zinnen 2

Score

0%


Vul het juiste lidwoord in. Kies uit ‘de’ of ‘het’.

1: Je zegt vrucht en fruit, dat is wel erg verwarrend.

2: citroen is erg zuur.

3: Je moet even door zure appel heen bijten.

4: kers op de taart was rood.

5: mandarijn zat in mijn schoen.

6: Wil jij kiwi, banaan en peer in de fruitschaal doen?

7: Wil jij zo ananas en kokosnoot even brengen?

8: framboos hing aan de frambozenstruik.

9: druif , mango en rode bes lagen samen in het fruitbakje.

10: Wil jij laatste aardbei?





vorige oefening:
lidwoorden in zinnen 1
volgende oefening:
lidwoorden in zinnen 3

Oefeningen:

Het alfabet

Als of dan

Interpunctie

Afbreken

Lidwoorden invullen

Aanwijzend voornaamwoord invullen

Wederkerende voornaamwoorden invullen

Werkwoordstijden

Wijten of danken

NT2

Uitleg:

Copyright © jufmelis.nl 2008-2018. Alle rechten voorbehouden.