jufmelis.nl

Nederlands is niet moeilijk, gewoon even oefenen

werkwoordspelling: vormen van het werkwoord en bijvoeglijk naamwoord herkennen 1

Score

0%


Om een werkwoord juist te spellen moet je weten wat voor vorm het werkwoord heeft en of het wel echt een werkwoord is. In deze oefening ga je daarmee aan de slag. Je kunt bij deze oefeningen kiezen tussen de persoonsvormvoltooid deelwoord, het infinitief, het tegenwoordig deelwoord of het voltooid deelwoord als bijvoeglijk naamwoord. Het voltooid deelwoord als bijvoeglijk naamwoord is geen werkwoord, maar een bijvoeglijk naamwoord. Als je eerst oefeningen wilt maken met alleen het voltooid deelwoord als bijvoeglijk naamwoord dan kan dat hier.  

1:
  • Puffend
  • rende
  • de
  • docent
  • de
  • trap
  • op
  • naar
  • boven.
2:
  • Pas
  • als
  • je
  • alle
  • woorden
  • goed
  • hebt
  • ,
  • wordt
  • de
  • zin
  • goed
  • gerekend
  • .
3:
4:
  • De
  • gevallen
  • vrouw
  • huilde
  • zachtjes
  • achter
  • haar
  • haren.
5:
  • Mag
  • ik
  • even
  • kijken
  • hoe
  • je
  • dat
  • precies
  • hebt
  • gedaan
  • ?




volgende oefening:
vormen van het werkwoord en bijvoeglijk naamwoord herkennen 2

Oefeningen:

Stam (ik-vorm)

Persoonsvorm tegenwoordige tijd

Persoonsvorm verleden tijd

Persoonsvorm TT en VT

Voltooid deelwoord

Persoonsvorm of voltooid deelwoord

Onvoltooid deelwoord ofwel tegenwoordig deelwoord

Vormen van het werkwoord herkennen

Werkwoordspelling door elkaar

Regelmatige werkwoorden

Onregelmatige werkwoorden

Wederkerende werkwoorden

werkwoorden uit het Engels

Uitleg:

Copyright © jufmelis.nl 2008-2018. Alle rechten voorbehouden.