Score
0%
1: Mirjam (fotograferen) op mijn bruiloft, dat waren heel mooie foto's geworden.
2: Ik (ergeren) me aan de manier waarop hij binnen kwam.
3: Marijn (verrassen) haar met een surpriseparty.
4: Ik (zijn) vorige week ziek.
5: De kleine jongen (kleden) zich al helemaal zelf aan.
6: Anne (redden) een meisje uit het water.
7: De nieuwe docent (dulden) geen tegenspraak.
8: De patiënt (rusten) tussen twaalf en twee.
9: Ik (smeren) zalf op mijn gekneusde voet.
10: Swen (beantwoorden) geen vragen meer.