jufmelis.nl

Nederlands is niet moeilijk, gewoon even oefenen

werkwoordspelling: pv vt enkelvoud 4

Score

0%


1: Er was ooit een voetballer die (spugen) naar een andere speler.

2: Diezelfde voetballer (plassen) wel eens tegen een boom.

3: De vakman (lassen) dat weer aan elkaar.

4: In vertrouwen (vertellen) de vrouw tegen de agent wat er was gebeurd.

5: Het (sneeuwen) dit jaar in maart.

6: Het kind (lusten) geen spruitjes.

7: Het oudere zusje (schreeuwen) dat ze ook geen spruitjes meer wilde hebben.

8: Een leerling (duwen) in de gang tegen een brugklasser.

9: Ik (rijden) gisteren op het paard van Sinterklaas.

10: Sinterklaas (willen) in december op zijn paard rijden.





Uitleg over: pv verleden tijd
vorige oefening:
pv vt enkelvoud 3
volgende oefening:
pv vt enkelvoud 5

Oefeningen:

Stam (ik-vorm)

Persoonsvorm TT

Persoonsvorm VT

Voltooid deelwoord

Persoonsvorm TT en VT

Persoonsvorm of voltooid deelwoord

werkwoorden uit het Engels

Uitleg:

Copyright © jufmelis.nl 2008-2012. Alle rechten voorbehouden.