Score
0%
1: De politie (ontmaskeren) vorige week de dief.
2: De leerlingen (citeren) de zin die op het bord stond.
3: In de zoektocht naar de schat (ontcijferen) de onderzoekers de geheime code.
4: Mevrouw Melis (manoeuvreren) haar auto erg goed tussen de obstakels door.
5: De schoonmaaksters (stofzuigen) het vieze lokaal.
6: Ik (verzenden) die mail eergisteren naar haar moeder.
7: B1m (zwemmen) in een mooi zwembad.
8: Michelle (leren) heel erg goed voor haar test.
9: Mijn moeder (kaften) vorig jaar al mijn boeken voor mij.
10: Zij (vergeten) haar bril in lokaal 124.