jufmelis.nl

Nederlands is niet moeilijk, gewoon even oefenen

werkwoordspelling: persoonsvorm TT hij zij het 4

Score

0%


1: Hij (geven) leiding aan een heel groot bedrijf.

2: Hij (leiden) dat bedrijf al jaren.

3: Het (gaan) erg goed met haar en haar familie.

4: Hij (zorgen) voor het inkomen.

5: Hij (zijn) huisman en zorgt voor de rest.

6: Hij (tuinieren) ook erg graag.

7: (vinden) hij dat ook leuk?

8: Nee, hij (houden) meer van sieraden maken.

9: Hij (klussen) ook graag in huis.

10: Het (regenen) namelijk erg vaak.





Uitleg over: pv tegenwoordige tijd
vorige oefening:
persoonsvorm TT hij zij het 3
volgende oefening:
persoonsvorm TT hij zij het 5

Oefeningen:

Stam (ik-vorm)

Persoonsvorm TT

Persoonsvorm VT

Voltooid deelwoord

Persoonsvorm TT en VT

Persoonsvorm of voltooid deelwoord

werkwoorden uit het Engels

Uitleg:

Copyright © jufmelis.nl 2008-2012. Alle rechten voorbehouden.