jufmelis.nl

Nederlands is niet moeilijk, gewoon even oefenen

woordenschat: slepen 5

Score

0%


1: Na   komt zonneschijn.

2: Zoals de   waait, waait mijn rokje.

3: Het   in huis zijn.

4: Een gat in de   springen.

5: De   zien hangen.

6: Als de   vol is, schijnt zij overal.

7: Het   pijpenstelen.

8: Wie wind zaait, zal   oogsten.

9: Hij gaat niet over één nacht   .

10: Het verdwijnt als   voor de zon.



regent bui regen ijs storm lucht sneeuw maan wind zonnetje


vorige oefening:
slepen 4
volgende oefening:
slepen 6

Oefeningen:

spreekwoorden en gezegdes

vergelijkingen

Afkortingen

synoniemen

dit of dat

woordenschat

trappen van vergelijking

iemand uit

Uitleg:

Copyright © jufmelis.nl 2008-2012. Alle rechten voorbehouden.