jufmelis.nl
Nederlands is niet moeilijk, gewoon even oefenen
print deze pagina
Verkleinwoorden
De meeste verkleinwoorden zijn eenvoudig te maken:
- bank - bankje
- film - filmpje
- tafel - tafeltje
- slang - slangetje
Bij verkleinwoorden op een a, é, o of u wordt de klinker verdubbeld.
- auto - autootje
- café - cafeetje
- opa - opaatje
- kano - kanootje
- accu - accuutje
Verkleinwoorden op de y, schrijf je met een apostrof.
- baby - baby'tje
- sherry - sherry'tje
Verkleinwoorden op i krijgen ie.
- taxi - taxietje
Verkleinwoorden van cijfer- of letterwoorden krijgen ook een apostrof.
- A4 - A4'tje
- tv - tv'tje
Onthouden:
- machine - machientje
- aspirine - aspirientje
- jongen - jongetje
- karbonade - karbonaadje
- pudding - puddinkje
BNW
bnw
vd als bnw
Meervoud (ZNW) beginner
Meervoud (ZNW) gevorderde
verkleinwoorden
samenstellingen
moeilijke woorden
enkel of dubbel